De Nationale Milieu Autoriteit (NMA) blijft zich inzetten om alle stakeholders actief te betrekken bij de uitvoering van het milieubeleid in Suriname. In dat kader organiseerde de NMA op 22 mei 2026 een informatiesessie over de Milieu Raamwet (MRw) voor alle Districtscommissarissen (DC’s) in de conferentiezaal van Lalla Rookh. Tijdens deze bijeenkomst zijn niet alleen de taken en bevoegdheden binnen de Milieu Raamwet besproken, maar is ook een belangrijke basis gelegd voor een diepere samenwerking op het gebied van duurzaam beheer en bescherming van het milieu in Suriname.
De aanwezigen werden kort toegesproken door NMA-directeur Vanuessa Gefferie, minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu en de Deken van de Districtscommissarissen, Patrick Kensenhuis.
Zorgplicht is een gezamenlijke verantwoordelijkheid
NMA-directeur Vanuessa Gefferie benadrukte dat de Milieu Raamwet de zorgplicht nadrukkelijk bij iedereen legt: overheid, bedrijven, gemeenschappen én burgers. Binnen die gezamenlijke verantwoordelijkheid vervullen de Districtscommissarissen een bijzondere rol, omdat zij dicht bij de samenleving staan en vaak als eerste op de hoogte zijn van ontwikkelingen en milieuproblemen binnen hun ressorten en districten. “Die positie maakt u tot een onmisbare partner om milieuvraagstukken gezamenlijk aan te pakken,” aldus Gefferie.
Zij onderstreepte verder dat een sterke samenwerking tussen de NMA en de DC’s essentieel is, omdat activiteiten binnen de districten directe invloed hebben op onze leefomgeving.
Hoewel de NMA bevoegd is om informatie op te vragen en milieugerelateerde vraagstukken te onderzoeken, benadrukte Gefferie dat effectieve uitvoering alleen mogelijk is met goede afstemming, duidelijke communicatielijnen en wederzijdse ondersteuning.
Ook Deken van de DC’s Patrick Kensenhuis sprak het belang uit van een nauwe samenwerking tussen de NMA en de vertegenwoordigers van de regering in de districten en bestuursressorten. Volgens hem zijn er diverse economische activiteiten waarbij het advies van de NMA van groot belang is. “Wij moeten kijken hoe wij beter met elkaar kunnen communiceren, zodat die samenwerking behouden blijft en wij gezamenlijk kunnen zorgdragen voor het behoud van ons milieu in Suriname,” aldus Kensenhuis.
Minister Patrick Brunings ging in zijn toespraak kort in op Suriname’s unieke positie als land met 93% bosbedekking, een rijke biodiversiteit en grotendeels intacte mangroven langs de kust. Volgens de minister mag Suriname daar trots op zijn. “Veel landen zullen jaloers zijn op wat wij hebben. Het is nu aan ons om dit goed in te richten,” stelde de minister.
Hij benadrukte dat Suriname internationaal steeds meer in de belangstelling staat, niet alleen vanwege olie en gas, maar ook vanwege de manier waarop het land met het milieu omgaat. Daarom is het volgens hem van groot belang dat instituten zoals de NMA en de districtscommissariaten verder worden versterkt en de onderlinge communicatie wordt verbeterd.
Presentaties en praktijkvragen
Na de toespraken volgden presentaties over de Milieu Raamwet, het Milieu Effecten Analyse-proces, vergunningverlening en de werkzaamheden van de afdelingen Toezicht en Handhaving. De Districtscommissarissen maakten vervolgens dankbaar gebruik van de gelegenheid om vragen te stellen over praktische situaties en onduidelijkheden die zich in de districten voordoen. De infosessie werd afgesloten met een demonstratie van het klachtensysteem en een korte paneldiscussie.
Aan het einde sprak directeur Gefferie haar waardering uit voor de grote opkomst en betrokkenheid van de DC’s. Zij benadrukte dat deze infosessie een belangrijke aanzet vormt voor verdere verdieping van de samenwerking tussen de NMA en de districtsbesturen. Er zullen in de toekomst meerdere ontmoetingen volgen, waarbij gezamenlijk gewerkt zal worden aan het structureel aanpakken en oplossen van milieuvraagstukken binnen de verschillende districten van Suriname.

